Benutting van stikstof in de landbouw bedraagt inmiddels circa 58%
Tussen 1986 en 2006 halveerde het stikstofoverschot in de landbouw van 775 naar 386 miljoen kilo stikstof. In de jaren daarna daalde het overschot verder met 14,7% naar 330 miljoen kilo in 2018. In 2015 en 2016 steeg het overschot in vergelijking met de jaren ervoor, gevolgd door een kleine daling in 2017. In 2018 was er weer een redelijk stijging zichtbaar door de droge zomer. De benutting van stikstof in de Nederlandse landbouw is in de laatste decennia verbeterd en bedraagt inmiddels 58%.
Het stikstofoverschot is vooral gedaald door een steeds lagere kunstmesttoediening vanaf 1999 en kleinere productie van dierlijke mest, vooral in de periode tussen 1994 en 2004. In 2017 was er een stijging van de stikstofaanvoer via dierlijke mest en kunstmest, maar dit wordt gecompenseerd door een hogere afvoer via gewassen. In 2018 speelde het omgekeerde.
Stikstofbenutting is verbeterd
Er komt ook minder stikstof via mest op landbouwgrond terecht doordat er meer mest wordt afgezet buiten de landbouw onder ander via mestverwerking en export naar het buitenland. Tussen 2011 en 2018 werd 18% van de stikstof uit dierlijke mest buiten de landbouw afgezet. Tussen 2006 en 2010 was dit aandeel 14%, tussen 2001 en 2005 circa 9% en in de jaren negentig schommelde het rond de 5%. De aangevoerde meststoffen op landbouwgrond worden steeds beter benut. Tussen 2011 en 2018 werd 58% van de op landbouwgrond aangevoerde stikstof omgezet in plantaardige productie. Dit percentage nam toe van rond 47% in de jaren negentig naar 52% in de periode 2001-2005, en 57% in de periode 2006-2010.
Fosforbenutting is erg hoog
De fosforbenutting op landbouwgrond is hoog. Het jaar 2018 is hier een uitzondering op. Vanwege de droge zomer was de benutting maar 78%. Gemiddeld voor de periode 2011-2016 is de fosforbenutting echter 89%. Tussen 2006 en 2010 schommelde het rond de 73%, tussen 2001 en 2005 rond 64% en in de jaren negentig rond 50%. Het fosforoverschot op landbouwgrond is de afgelopen 10 jaar gedaald doordat er minder fosfor via kunstmest wordt gebruikt en er steeds meer dierlijke mest buiten de landbouw wordt afgezet. Het aandeel van deze afzet in de dierlijke mestproductie bedroeg tussen 2011 en 2017 voor fosfor 24%, terwijl dit tussen 2006 en 2010 nog 18% was en in de jaren negentig nog rond de 6% schommelde.
Stikstofbenutting is verbeterd
Er komt ook minder stikstof via mest op landbouwgrond terecht doordat er meer mest wordt afgezet buiten de landbouw onder ander via mestverwerking en export naar het buitenland. Tussen 2011 en 2018 werd 18% van de stikstof uit dierlijke mest buiten de landbouw afgezet. Tussen 2006 en 2010 was dit aandeel 14%, tussen 2001 en 2005 circa 9% en in de jaren negentig schommelde het rond de 5%. De aangevoerde meststoffen op landbouwgrond worden steeds beter benut. Tussen 2011 en 2018 werd 58% van de op landbouwgrond aangevoerde stikstof omgezet in plantaardige productie. Dit percentage nam toe van rond 47% in de jaren negentig naar 52% in de periode 2001-2005, en 57% in de periode 2006-2010.
Fosforbenutting is erg hoog
De fosforbenutting op landbouwgrond is hoog. Het jaar 2018 is hier een uitzondering op. Vanwege de droge zomer was de benutting maar 78%. Gemiddeld voor de periode 2011-2016 is de fosforbenutting echter 89%. Tussen 2006 en 2010 schommelde het rond de 73%, tussen 2001 en 2005 rond 64% en in de jaren negentig rond 50%. Het fosforoverschot op landbouwgrond is de afgelopen 10 jaar gedaald doordat er minder fosfor via kunstmest wordt gebruikt en er steeds meer dierlijke mest buiten de landbouw wordt afgezet. Het aandeel van deze afzet in de dierlijke mestproductie bedroeg tussen 2011 en 2017 voor fosfor 24%, terwijl dit tussen 2006 en 2010 nog 18% was en in de jaren negentig nog rond de 6% schommelde.
Bron:
Compendium voor de Leefomgeving, 28/02/2020
Publicatie: 28-02-2020