'Mestverwerking draagt niet bij aan de kringlooplandbouw'
Mestverwerking draagt maar weinig bij aan de kringlooplandbouw, vindt Jaap Schröder, senior onderzoeker nutriëntenmanagement. Schröder heeft de afgelopen 36 jaar bij diverse onderdelen van Wageningen Uuniversity & Research onderzoek gedaan naar de effecten van mest op gewas en milieu. Vanuit de behoefte van gewassen bezien, bevat dierlijke mest meestal te weinig stikstof per kilogram fosfaat. Ieder landbouwsysteem heeft daarom op termijn behoefte aan een aanvulling met stikstof. De ‘kunstmestloosheid’ van de ene regio gaat gepaard met een verzwegen gebruik van extra kunstmest elders.
In Nederland geven de meeste boeren de aanvulling van stikstof in de vorm van kunstmest. In veel regio’s ligt de productie van dierlijke mest hoger dan er verantwoord op eigen land uitgereden kan worden, vandaar de export van een deel van die mest. Op veel plekken wordt het teveel aan dierlijke mest bewerkt door het, al dan niet in combinatie met vergisting, fabrieksmatig te scheiden in een stikstofrijke dunne fractie en een stikstofarme dikke fractie. De stikstofrijke fractie blijft vervolgens in de regio als kunstmestvervanger en alleen de dikke fractie behoeft nog vervoer over grotere afstand.
Bijdrage aan kringlooplandbouw twijfelachtig
Weliswaar kost de scheiding van mest energie, maar daar tegenover staat de bespaarde energie voor productie van kunstmest, het vervoer van volumineuze onbewerkte mest en de eventuele productie van biogas. Of het netto-resultaat van die plussen en minnen positief is, hangt sterk af van de uitgangspunten en configuratie. Maar zelfs als dat het geval is, is het zeer de vraag of mestverwerking een bijdrage levert aan kringlooplandbouw, stelt Schröder.
Kunstmestgebruik vindt elders plaats
In een ‘kringloopsysteem gebruiken sectoren elkaars bijproducten waarbij uit de cirkelgang slechts minimale verliezen optreden. Mestverwerking bestaat echter bij de gratie van het feit dat Nederland een mestoverschot kent. Dat teveel is er vanwege de omvangrijke importen van veevoedergewassen die elders in de wereld geteeld worden met gebruik van kunstmest. Bovendien krijgen de afnemers van de dikke fractie per definitie minder stikstof per kilogram fosfaat dan wanneer zij onbewerkte mest afnemen. Een deel van hen moet meer kunstmeststikstof gaan gebruiken dan bij gebruik van onbewerkte mest, nog los van het feit dat de toediening van de dikke fractie met relatief grotere stikstofverliezen gepaard gaat dan de toediening van onbewerkte mest.
Bijdrage aan kringlooplandbouw twijfelachtig
Weliswaar kost de scheiding van mest energie, maar daar tegenover staat de bespaarde energie voor productie van kunstmest, het vervoer van volumineuze onbewerkte mest en de eventuele productie van biogas. Of het netto-resultaat van die plussen en minnen positief is, hangt sterk af van de uitgangspunten en configuratie. Maar zelfs als dat het geval is, is het zeer de vraag of mestverwerking een bijdrage levert aan kringlooplandbouw, stelt Schröder.
Kunstmestgebruik vindt elders plaats
In een ‘kringloopsysteem gebruiken sectoren elkaars bijproducten waarbij uit de cirkelgang slechts minimale verliezen optreden. Mestverwerking bestaat echter bij de gratie van het feit dat Nederland een mestoverschot kent. Dat teveel is er vanwege de omvangrijke importen van veevoedergewassen die elders in de wereld geteeld worden met gebruik van kunstmest. Bovendien krijgen de afnemers van de dikke fractie per definitie minder stikstof per kilogram fosfaat dan wanneer zij onbewerkte mest afnemen. Een deel van hen moet meer kunstmeststikstof gaan gebruiken dan bij gebruik van onbewerkte mest, nog los van het feit dat de toediening van de dikke fractie met relatief grotere stikstofverliezen gepaard gaat dan de toediening van onbewerkte mest.
Bron:
Boerderij Vandaag, 06/09/2019
Publicatie: 09-09-2019