Excretieforfaits voor melkvee gaan vanaf 2020 iets omlaag
De excretieforfaits voor melkvee gaan vanaf 2020 waarschijnlijk iets omlaag. Dat blijkt uit het voorstel voor wijziging van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet die door het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) via een internetconsultatie openbaar heeft gemaakt. Voor een melkkoe met een jaarproductie van 9.500 kilo melk met een ureumgehalte van 22 geldt nu nog een excretienorm van 127,5 kilo stikstof en 44,9 kilo fosfaat. Vanaf 2020 wordt dit 124,0 kilo stikstof en 44,6 kilo fosfaat. De verlaging van de excretienormen heeft tot gevolg dat melkveehouders iets meer melkvee kunnen houden binnen het aantal fosfaatrechten waarover ze beschikken.
Doordat de rekenmethode voor stikstofverliezen via vervluchtiging is aangepast, worden de stikstofcorrectiefactoren hoger dan bij eerdere berekeningen. De gemiddelde stikstofexcretie is daardoor, met name bij vaste mest, lager dan de huidige normen.
De excretietabel bij melkvee is fors uitgebreid met normen vanaf een melkproductie van 2.625 kilo melk per koe per jaar. In de oude tabellen lag de ondergrens bij 5.624 kilo. Aan de bovenkant is de tabel uitgebreid tot een productie van 14.874 kilo melk, eerder was de hoogste norm voor koeien die meer dan 10.624 kilo melk per jaar produceerden. Bedrijven met een productie van 12.000 kilo per koe en melk met een ureumgehalte van 22, mochten tot dusver met een excretie van 140,5 kilo stikstof en 49,3 kilo fosfaat rekenen. Straks is dat 144 kilo stikstof en 51,8 kilo fosfaat.
Voor de biologische sector zijn aparte forfaits vastgesteld. Voor runderen wijken deze niet veel af van de gangbare normen. Voor biologische varkens en pluimvee zijn de normen hoger dan voor gangbare dieren.
Meer informatie is te vinden via de internetconsultatie actualisatie van bijlage D - excretieforfaits.
De excretietabel bij melkvee is fors uitgebreid met normen vanaf een melkproductie van 2.625 kilo melk per koe per jaar. In de oude tabellen lag de ondergrens bij 5.624 kilo. Aan de bovenkant is de tabel uitgebreid tot een productie van 14.874 kilo melk, eerder was de hoogste norm voor koeien die meer dan 10.624 kilo melk per jaar produceerden. Bedrijven met een productie van 12.000 kilo per koe en melk met een ureumgehalte van 22, mochten tot dusver met een excretie van 140,5 kilo stikstof en 49,3 kilo fosfaat rekenen. Straks is dat 144 kilo stikstof en 51,8 kilo fosfaat.
Voor de biologische sector zijn aparte forfaits vastgesteld. Voor runderen wijken deze niet veel af van de gangbare normen. Voor biologische varkens en pluimvee zijn de normen hoger dan voor gangbare dieren.
Meer informatie is te vinden via de internetconsultatie actualisatie van bijlage D - excretieforfaits.
Bron:
Boerderij Vandaag, 18/07/2019
Publicatie: 18-07-2019