'Kuub drijfmest bevat meer dan 30 euro aan waarde in de vorm van biogas'
Monomestvergisting op individueel bedrijfsniveau
Het vergisten van mest voor een individueel bedrijf kan alleen rendabel voor melkveebedrijven met 350 koeien of meer. Er is op jaarbasis minstens 10.000 kuub dagverse mest nodig. Naast een vergister is een opwerkstation nodig om het biogas op te waarderen tot groen gas, zodat het gas het aardgasnetwerk op kan. Een opwerkstation vergt echter al gauw een investering van 500.000 euro.
Buurtvergister
Bij een buurtvergister investeert een groot melkveebedrijf in een monomestvergister met enige overcapaciteit. Hij stelt die vergister dan beschikbaar voor een of twee kleinere melkveehouders uit de buurt, die hun mest daarnaartoe kunnen brengen om te laten vergisten. Dit vraagt wel transport en bemonstering van de mest, maar dat laat zich veelal terugverdienen bij een extra opbrengstpost van 30 euro per kuub mest via inkomsten uit groen gas.
Biogascluster
Bij het biogascluster heeft elke deelnemer een monomestvergister op z’n eigen erf. Het ruwe biogas gaat dan via een leidingenstelsel naar een centraal gelegen opwerkstation voor groen gas. Er kleeft wel een risico aan dit concept. Als een cluster bijvoorbeeld uit 10 bedrijven, en daarvan stoppen er 2, dan komt de rentabiliteit van het cluster meteen onder druk te staan. Zekerheid en langjarige afspraken zijn daarom belangrijk.
Collectieve centrale vergister
Een collectieve, centrale vergister met een capaciteit van meer dan 25.000 kuub mest wordt veelal op een industrieterrein geplaatst of bijvoorbeeld bij een loonbedrijf. Een nadeel van het concept is dat er regionaal meer transportbewegingen zijn. Daarnaast vraagt het ook aandacht om verse mest aangeleverd te krijgen. Qua vergunningverlening is het vinden van een geschikte locatie voor een centrale vergister ook een uitdaging