'Elke melkveehouder legt zijn eigen puzzel met oog op mestafzet'
De verschillen tussen de ondernemers zijn groot, wat onder ander te maken heeft met de hoeveelheid af te zetten kuubs en de regio waarin ze actief zijn. Sommige veehouders hebben al jaren afspraken met nabijgelegen akkerbouwers. Een biologische veehouder en een extensief bedrijf in Friesland hebben nog niet met mestafzet te maken. In Zeeuws-Vlaanderen kost mestafzet nauwelijks geld, omdat de vraag daar groot is en het aanbod laag vanwege het dure transport via België of de Westerscheldetunnel.
Om de kosten in de toekomst zo laag mogelijk te houden, zoeken alle deelnemers naar oplossingen die passen bij hun bedrijfsvoering. Veehouder Kees Jan van Wijk heeft gekozen voor een meststripper, in de hoop om via productie van een Renure-meststof meer eigen stikstof op het bedrijf te plaatsen in plaats van af te zetten. De mest wordt bewerkt en gestript, zodat er een kunstmestvanger overblijft die wel gebruikt mag worden.
Andere ondernemers overwegen hun mestopslag uit te breiden, zodat ze flexibeler zijn in het tijdstip van afvoeren en uitrijden van mest. Het managen van een lagere excretie via BEX kan ook leiden tot minder mestafzet. Dit zal vaak geen mestafzet voorkomen, maar betekent wel een besparing op kosten.