Ook deel van de pluimveehouders ervaart druk op de mestmarkt
Johan Mostert, voorzitter van de sectie meststoffendistributie bij Cumela, ziet ook dat het probleem in de pluimveehouderij met name ligt bij de relatief natte bandenmest. Een deel gaat naar mestvergistingsinstallaties in Frankrijk en Duitsland, maar ook daar is er een voorkeur voor mest met een hoog droge stofgehalte.
FKL Fertilizers verwerkt pluimveemest tot mestkorrel en composteert via Fertimass nattere pluimveemest. Pluimveehouders die leghennenmest leveren die niet is gedroogd moeten geld bijbetalen bij de afzet. Dat komt deels door de gespannen situatie op de Nederlandse mestmarkt. Een zorgpunt zit momenteel ook bij de afzet van pluimveemestkorrels. Deze worden in gebieden met droogte minder gevraagd. Het maakt dat de aanvoer van pluimveemest voor composteren eigenlijk te duur is geworden.
De afzet van droge leghennenmest brengt een pluimveehouder tussen de 10 euro en 20 euro per ton op, afhankelijk van de regio. Voor mest van vleeskuikens en vleeskuikenouderdieren ligt het tarief op enkele euro’s per ton. Voor de afzet van natte leghennenmest moeten pluimveehouders mogelijk tot 20 euro per ton bijbetalen bij FKL Fertilizers.
De problemen op de mestmarkt hebben geen invloed bij Coöperatie DEP, waarvan de mest bij BMC in Moerdijk wordt verbrand. De prijs voor de leden is daar afhankelijk van de elektriciteitsprijs. Twee keer per jaar bepaalt de coöperatie de nieuwe tarieven voor vier categorieën pluimveemest. Ook de afzet van de anorganische fosfaat- en kalirijke meststof die resteert, staat niet onder invloed van de huidige drijfmestprijzen.