Hoofdlijnenakkoord coalitie 2024 - 2028: ‘De boer aan het roer’
“Nederland is een prachtig land. Een land om trots op te zijn. Wij moeten hard werken om het vertrouwen van Nederlanders te verdienen. Iedere dag opnieuw. Want vertrouwen is niet vanzelfsprekend.”
Hiermee begint het hoofdlijnenakkoord genaamd ‘Hoop, lef en trots’ van de PVV, VVD, NSC en BBB. De vier partijen geven aan een nieuwe weg in te slaan en in het akkoord concrete stappen te zetten, onder andere in de landbouw.
Eén van de hoofdpunten die wordt genoemd is dat er een goede toekomst voor de landbouw en visserij, voor voedselzekerheid en voor de natuur moet komen. Hiervoor krijgt het ministerie van LNV een nieuwe naam: het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN).
In het hoofdlijnenakkoord staat dat boeren, tuinders en vissers gekoesterd moeten worden, en dat ze baas over hun eigen bedrijf moeten blijven. Er zal niet worden gestuurd op gedwongen krimp van de veestapel. Daarnaast zal hoogwaardige landbouwgrond beschermd worden.
Inzet op aanpassing Europese richtlijnen
De partijen zullen zich inzetten op de volgende punten om (uitwerkingen van) Europese richtlijnen aan te passen:
- Een nieuwe, regio-specifieke derogatie van de Nitraatrichtlijn, gebaseerd op de gemeten waterkwaliteit.
- Herzien van kwetsbare gebieden in de Nitraatrichtlijn: Nederland heeft op dit moment het hele land als kwetsbaar bestempeld. Dit kan echter (per direct) worden herzien. De partijen willen aantonen dat bepaalde gebieden niet langer kwetsbaar zijn. Hierdoor zal meer plaatsingsruimte voor mest ontstaan. De norm van 170 kg stikstof uit dierlijke mest per hectare geldt namelijk alleen voor kwetsbare gebieden.
- Stikstof- en fosfaatnormen in oppervlaktewater in lijn brengen met zoals ze zijn in de ons omringende landen België en Duitsland. Het areaal nutriëntenverontreinigde gebieden wordt daarmee teruggebracht.
- Derogatievrije zones (overgangsgebieden) rondom Natura 2000-gebieden beperken tot alleen stikstofgevoelige natuurgebieden.
- Verkleinen van bufferstroken van 250 naar 100 meter.
- Het schrappen van de maximale hoeveelheid stikstof uit dierlijke mest (170 kg/ha) uit de Nitraatrichtlijn.
- Herijken van de Natura 2000-gebieden, waarbij aandacht is voor een hoofdstructuur van robuuste natuurgebieden in plaats van ‘snippernatuur’.
Bovendien willen ze dat wet- en regelgeving aan de voorkant scherper juridisch getoetst wordt om rechtszaken achteraf te voorkomen. Ook willen ze meer mesttoepassingsruimte creëren door waar mogelijk verschillen in mestbeleid voor grasland en akkerland op te heffen. Samenwerking tussen akkerbouwers en veebedrijven zal worden gestimuleerd.
Natuurherstelbeleid
In het akkoord wordt benoemd dat de kritische depositiewaarde uit de wet gaat en zal worden vervangen door een juridisch houdbaar alternatief. De daadwerkelijk gemeten staat van de natuur zal leidend worden in het natuurbeleid. Bedrijfsspecifieke emissiedoelen, gebaseerd op de gebiedsgerichte aanpak, zullen de basis vormen voor de stikstofaanpak. Waar aantoonbaar nodig zal stikstofreductie plaatsvinden voor instandhouding van de natuur. Ook andere drukfactoren zullen worden aangepakt. Stikstofreductie is nodig voor het creëren van stikstofruimte. Op deze manier zal ook extern salderen in elke provincie mogelijk worden. Daarnaast willen de partijen aan de slag met een juridisch geborgde oplossing om PAS-melders met voorrang te legaliseren.
De boer aan het roer
In het akkoord staat dat de mestcrisis urgente aandacht krijgt. Het beleid zal van middel- naar doelsturing gaan: er zal zo snel mogelijk een juridisch houdbare afrekenbare stoffenbalans worden ontwikkeld. Voor natuur, waterkwaliteit, klimaat en luchtverontreiniging zullen daarom waar mogelijk bedrijfsspecifieke emissiedoelen geformuleerd worden. Om snel van start te gaan begint men met onderdelen die snel uitvoerbaar zijn.
Soms is het gebruik van modellen onontkoombaar. Als dat het geval is, zal het mede gebaseerd worden op meten en weten én op basis van waarnemingen uit de praktijk. De wens is om het model Aerius calculator ten behoeve van vergunningverlening te vervangen zodra er een juridisch houdbaar alternatief is.
Vergunningverlening stallen en mestverwerking
Bovendien zal er ten behoeve van de vergunningverlening zo snel mogelijk een nieuw stelsel komen voor de beoordeling van emissiearme stallen en stalsystemen. Dit zal zoveel mogelijk gebaseerd worden op bedrijfsmetingen.
De regie over vergunningverlening voor mestverwerking zal door de rijksoverheid opgepakt worden. Samen met provincies en gemeenten zullen problemen rond de vergunningverlening worden opgelost.
Meer ruimte voor innovaties
Innovatie in de landbouw zal meer ruimte krijgen door procedures aan te passen en innovatiemiddelen zo in te richten dat nieuwe vindingen snel juridisch houdbaar toegepast kunnen worden. Ook worden verschillende maatregelen beschreven voor het verdienen van een goede boterham. Er is bijvoorbeeld aandacht voor het ontwikkelen van nieuwe verdienmodellen, waar de voedselketen (inclusief industrie en banken) aan bij dient te dragen.
Het volledige hoofdlijnenakkoord 2024 – 2028 van PVV, VVD, NSC en BBB is te vinden in de bijlage.