Meerderheid Tweede Kamer wil snelle stikstofreductie door gerichte krimp veehouderij
In een motie roept Holman (NSC) het kabinet op om snel te komen met een stikstofreductieplan dat moet bestaan uit een combinatie van een gepaste kleinere veestapel en andere beleidsmaatregelen door de overheid en innovatie die gedragen wordt door agrarisch Nederland, waar het bedrijfsleven in grote mate voor verantwoordelijk is. Holman denkt dat het onoverkomelijk is dat het mes snel in de veestapel gaat. Hij kreeg bijval van PvdA-GroenLinks, VVD, D66, SP, Christenunie, Denk, PvdD, Volt, maar ook van ministers Van der Wal (Stikstof en Natuur) en Adema (LNV).
Tjeerd de Groot van D66 diende een motie in voor het uitfaseren van de bio-industrie. Onder bio-industrie werd dit keer verstaan: zeer grootschalige veehouderijen die weinig op hebben met dierenwelzijn en niets meer met een familiebedrijf te maken hebben. Ook deze motie werd aangenomen.
Samen met Pieter Grinwis (Christenunie) diende hij ook een motie in om de import van kalveren te stoppen. Belangrijkste argument was dierenwelzijn, maar ook werd dit gezien als een snelle en effectieve manier om de stikstofemissie te stoppen. De motie werd ontraden door minister Adema maar toch aangenomen.
Vrijwel unaniem (alleen Forum voor Democratie stemde tegen) werd een motie aangenomen om een zgn. Maatregel Gebiedsgerichte Beëindiging in te stellen om landbouwbedrijven op te kopen in de veenweidegebieden, bij beekdalen en op hoge zandgronden; deze moet aantrekkelijker zijn dan de huidige LBV en LBV+-regelingen.
Tot slot werd een motie aangenomen van BBB en VVD die de minister oproept een in 2022 ingediende motie alsnog uit te voeren. Deze riep de minister op om juridische onzekerheden m.b.t. technische maatregelen voor stikstofreductie (TAC-RAV) weg te nemen.