Mestoverschot loopt richting 2030 op door verlies aan plaatsingsruimte
De plaatsingsruimte voor stikstof in Nederland zal in 2030 met 25% zijn gedaald tot 286 miljoen kilogram. De benutting van de fosfaatruimte uit dierlijke mest loopt terug naar 64% omdat de stikstof in mest als beperkende factor geldt. Het overschot kan dan oplopen tot 140 miljoen stikstof hetgeen betekent dat er ten opzichte van nu 72 miljoen kilo extra aan stikstof moet worden verwerkt of geëxporteerd.
Een toelating van Renure-producten zou de situatie in 2030 kunnen verlichten. Daarbij wordt uitgegaan van een mestverwerkingssysteem waarbij 70% van de stikstof in een Renure-meststof belandt en de overige 30% en alle fosfaat in de dikke fractie. Daarbij zou de huidige verwerking van pluimveemest gecontinueerd moeten worden terwijl de uitvoer van dikke fractie na de verwerking van varkens- en rundermest wordt verdubbeld.