Nog geen duidelijkheid over Nutriënten Verontreinigde gebieden

Minister Adema van LNV heeft nog geen besluit genomen over het definitief aanwijzen van de Nutriënten Verontreinigde gebieden. De verwachting is dat zijn besluit er op korte termijn komt en dat daardoor het areaal waar strengere mestregels gelden daarmee verder zal toenemen. Wanneer de minister een besluit achterwege laat dan wordt heel Nederland vanaf 2024 gerekend tot de Nutriënten Verontreinigde gebieden. Dat staat in de derogatievoorwaarde die Nederland met de Europese Commissie is overeengekomen.

In de Nutriënten Verontreinigde gebieden worden extra maatregelen getroffen om de waterkwaliteit te verbeteren. Voor 2023 heeft de minister voorlopige gebieden aangewezen. Het gaat om de zand- en lössgronden in de provincies Overijssel, Gelderland, Utrecht, Noord-Brabant en Limburg waar voor 2023 al een aantal jaren een strengere derogatienorm gold. Daarnaast wees de minister ook de werkgebieden van de hoogheemraadschappen Hollands Noorderkwartier en Delfland en van het waterschap Brabantse Delta aan. Het gaat in totaal om 42% van het Nederlandse landbouwareaal.


In de Nutriënten Verontreinigde gebieden mogen bedrijven met een derogatievergunning maximaal 220 kilo stikstof uit dierlijke mest per hectare aanwenden, in plaats van 240 kilo buiten deze gebieden. Ook is in deze gebieden op klei een vanggewas verplicht. Vanaf 2025 wordt er een verlaging van de totale gebruiksnorm met 20 procentpunt voor alle gewassen van kracht.


LTO Nederland en  Cumela Nederland dringen bij de minister aan om snel duidelijkheid te bieden over de aanwijzing van Nutriënten Verontreinigde gebieden. De aanwijzing heeft impact op de mestplaatsingsruimte en op afspraken die voor komend jaar over de mestafzet kunnen worden gemaakt, stellen de organisaties.

Bron: Boerderij, 30/11/2023
Publicatie: 01-12-2023