Eurofins: 'In heel Nederland is nog ruimte voor fosfaatdifferentiatie'
Hoewel de derogatie de komende jaren wordt afgebouwd blijft de regelgeving omtrent fosfaatgebruiksruimte bestaan. Bij grond die in een lagere fosfaatklasse valt mag er meer fosfaat uit dierlijke mest worden toegediend. Zonder actueel grondonderzoek is de fosfaatgebruiksruimte per hectare 75 kilo fosfaat voor grasland en 40 kilo fosfaat voor bouwland. Als een veehouder over een actueel grondonderzoek beschikt en de fosfaattoestand niet in fosfaatklasse ‘hoog’ valt, is er nog extra ruimte voor fosfaat uit dierlijke mest.
Uit een recente inventarisatie van Eurofins blijkt dat er overal in Nederland percelen zijn die niet in fosfaatklasse ‘hoog’ vallen en waar grondonderzoek dus ruimte biedt voor fosfaatdifferentiatie. Als de fosfaatcijfers van een perceel niet bekend zijn, dan wordt de fosfaattoestand van het perceel automatisch beoordeeld als ‘hoog’. Dit betekent dat er minder fosfaat, en daarmee ook minder dierlijke mest, mag worden toegediend.
Dierlijke mest bevat stikstof en fosfaat. In een voorbeeldberekening bevat drijfmest 4 kilo stikstof en 1,5 kilo fosfaat per m3. Bij een bedrijf met 75% grasland en 25% maisland is zonder grondonderzoek het gebruik van drijfmest beperkt tot 38,5 m 3 per hectare. Door gebruik te maken van grondonderzoek kan dit toenemen tot 57,5 m3 per hectare in 2024, 50 m3 per hectare in 2025 en 42,5 m3 per hectare in de jaren daarna.