Vlaams stikstofbeleid is ook gebaseerd op modellen
Om deze impactcore te bepalen, wordt er binnen de 'speciale beschermingszone' gezocht naar de plaats waar de verhouding van de depositie van een bedrijf op wat de natuur aan kan het grootst is. Dat is de kritische depositiewaarde. Om deze impactscore te berekenen worden rekenmodellen gebruikt.
Vlaanderen gebruikt een combinatie van twee modellen om de globale en de lokale depositie te berekenen. Hieruit wordt dan de impactscore afgeleid. Er wordt gewerkt met een Vlaamse versie van het Operationeel Prioritaire Stoffen dat het RIVM in Nederland heeft ontwikkeld. Het model wordt gebruikt om voor heel Vlaanderen de concentraties en deposities te berekenen met een geografische resolutie van één vierkante kilometer.
Invoergegevens voor het model zijn meteorologische gegevens van 2017, gegevens over receptorgebieden, emissiegegevens van buiten Vlaanderen en Vlaamse emissies en locaties uit het EMAV2.1-model dat geüpdatet werd in 2019. Dit model hanteert het jaargemiddelde van de veebezetting in jaar 2017 plus de toegepaste staltechnieken. EMAV2.1 werkt met de dieraantallen zoals die zijn opgegeven bij de Vlaamse Mestbank. Deze geven een gemiddelde dierbezetting over het jaar.
Als tweede model wordt het IFDM-model gebruikt ter verfijning van de VLOPS-resultaten zodat er op projectniveau op microschaal naar de depositie kan gekeken worden. IFDM is een bi-gaussiaans pluimmodel dat vertrekt van emissiebronnen en aan de hand van meteorologische parameters de verspreiding van de vervuiling modelleert. Het model bepaalt het depositiepatroon van een specifiek bedrijf waarvan men de impactscore wil bepalen. IFDM werd ontworpen door VITO en heeft een hoge geografische resolutie, want het rekent alle aanwezige puntbronnen en lijnbronnen binnen een straal van 20 kilometer binnen een resolutie van 20 meter.
De met IFDM berekende concentraties worden daarna vermenigvuldigd met de droge depositiesnelheden die afkomstig zijn uit VLOPS, daarnaast wordt ook de natte depositie zoals berekend door IFDM toegevoegd. De totale depositie wordt daarna op één kaart geplaatst, waarna er wordt bepaald waar de waarden op de depositiekaart hoger zijn dan die op de kaart van kritische depositiewaarden. Voor die gebieden met een overschrijding wordt via de modellen gekeken welke bronnen, in welk percentage bijdragen aan de overschrijding en zo wordt de impactscore berekend.