Rundveemest is met name geschikt om lokaal te verwerken

Rundveedrijfmest is vanwege de gehalten aan mineralen­ niet aantrekkelijk om centraal te verwerken. De transportkosten zijn te hoog en de eindproducten blijken meestal van een te lage kwaliteit. Lokaal mest verwerken, kan wel een interessante optie zijn, stelt DLV Advies. Het combineren van monomestvergisting met mestverwerking vermindert de methaan-­ en ammoniakuitstoot van een melkveebedrijf. Het biogas kan worden omgezet in groene stroom. De warmte die vrijkomt is daarbij te benutten om het digestaat verder te verwerken.
Tijdens de vergisting worden organische verbindingen afgebroken, waardoor het aandeel ammoniakhoudende stikstof toeneemt. De warmte die bij vergisting vrijkomt, kan nuttig worden aangewend in een ammoniak­stripper. Deze ammoniakstripper zet de stikstof om in een kunstmestvervanger.

Mest vergiste en digestaat gescheiden
Voor het scheiden van mineralen wordt rundveedrijfmest vanuit de mestopslag in de vergistingstank gepompt. Hier wordt de mest geroerd en onder een temperatuur van 39 ºC in een omgeving zonder zuurstof gebracht waar gedurende 40 dagen biogas wordt geproduceerd. Vanuit de vergister wordt het biogas direct naar de procescontainer gebracht, waar het gas met behulp van een wkk wordt omgezet in stroom. Het overgebleven digestaat wordt uit de tank naar een schroefpers gepompt. Die scheidt het digestaat in een dikke en een dunne fractie. In de dikke fractie zit bijna de helft van de totale hoeveelheid droge stof en bevat veel fosfaat.

Ammoniakstripper
De amoniakstripper wint ammoniak uit de dunne fractie bij een constante temperatuur van 75 ºC en een hoge pH. Onder die omstandigheden slaat het ammoniakgas met zwavelzuur neer in de vorm van ammoniumsulfaat. De dunne fractie wordt daartoe gesproeid in de stripkolom en de benodigde warmte wordt aangevoerd vanuit de wkk. Dit een gesloten proces zonder emissie. Het ontstane mengsel van ammoniakgas, koolstofdioxide en lucht wordt vervolgens in een luchtwasser beneveld met zwavelzuur, waardoor er een oplossing van ammoniumsulfaat ontstaat met een stikstofgehalte van circa 7,5%. De van ammoniak ontdane lucht wordt gerecycled in de ammoniakstripper.

Minder langeafstandtransporten
Van het oorspronkelijke volume van de mest blijft veel over in het effluent met een lage concentratie aan mineralen. Er kan dus binnen de mineralengebruiks­ruimte op het landbouwareaal dicht bij huis het dubbele aan volume waterige fractie worden toe­ gepast. Dit betekent dat er minder langeafstandstransporten van drijfmest nodig zijn. De overige mineralen zijn vastgelegd in geconcentreerde eind­producten, zoals ammoniumsulfaten, en kunnen met enkele vrachtwagens per jaar worden afgezet.
Bron: DLV Advies, 07/05/2019
Publicatie: 07-05-2019