Rechter laat boete voor melkveebedrijf voor overtreden van Meststoffenwet in stand

De rechtbank Noord-Nederland heeft in een uitspraak van donderdag 27 juli de boete van ruim 45.000 euro die de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl) oplegde aan een melkveebedrijf vanwege overtredingen van de Meststoffenwet in stand gelaten. Het bedrijf kreeg de boete omdat in 2017 de stikstofgebruiksnorm en gebruiksnorm voor dierlijke meststoffen werden overschreden. Het melkveebedrijf vocht de boete aan, maar de rechter vindt de bezwaren ongegrond.

Het melkveebedrijf meende dat er binnen de diercategorie voor melkkoeien in de Meststoffenwet een onderscheid moet worden gemaakt tussen droogstaande koeien die op het bedrijf op stro worden gehouden en de  de koeien in productie die drijfmest produceren. De stikstofexcretie van de 28 droogstaande koeien zou aanmerkelijk lager dan zijn die van de melkgevende koeien.


Het bedrijf werkte met de bedrijfsspecifieke excretie, waarmee melkveebedrijven kunnen aantonen dat de werkelijke excretie afwijkt van de forfaitaire norm. De melkveehouder stelde dat 6% van de dieren op stro wordt gehouden. Uit de KringloopWijzer komt niet naar voren om welke diercategorieën het daarbij gaat. Daardoor is het volgens RVO.nl niet te controleren of het daadwerkelijk om droogstaande koeien gaat.


De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) heeft zich gebaseerd op cijfers zoals die in de KringloopWijzer waren vermeld. Mocht de ondernemer het vermoeden hebben dat dit aantal niet klopte, dan bestond de mogelijkheid om een tussentijds wijzigingsverzoek in te dienen. Omdat dit niet is gebeurd, had RVO.nl geen aanwijzingen om te veronderstellen dat de dieraantallen niet juist waren.


Het melkveebedrijf kon ook niet aantonen dat 525 ton runderdrijfmest werd afgevoerd in 2017. Het bedrijf had hiervoor een Vervoersbewijs Dierlijke Meststoffen moeten indienen bij RVO.nl. Er is wel factuur dat er 520 kuub mest is afgevoerd, maar daarbij wordt niet vermeld waar de mest naar toe is gegaan. Bovendien ontbreekt het bankafschrift voor de betaling van die factuur. Mede hierdoor is de factuur geen bewijs om aannemelijk te maken dat de gebruiksnormen niet zijn overschreden.


Meer informatie is te vinden in de uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland.

Bron: Nieuwe Oogst, 04/08/2023
Publicatie: 07-08-2023