VVD zet vraagtekens bij procedure voor bemonstering van dikke fractie van mest

Tweede Kamerlid Helma Lodders van de VVD heeft een reeks vragen gesteld aan minister Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit over de procedure van bemonstering bij het afvoeren van de dikke fractie van mest. Dat moet door een onafhankelijke partij geburen. Volgens Lodders leidt tot extra kosten voor boeren. Zij wil van Schouten weten of het juist is dat een rundveehouder iedere vracht mest die van het erf gaat voor 14:00 uur moet aanmelden bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl) voor een bemonstering de dag daarna en dat de rundveehouder voor ieder monster 58 euro betaalt.
De dikke fractie van mest moet bij afvoer worden bemonsterd en de rundveehouder moet een melding doen van het aantal vrachten dat nodig is om de mest te vervoeren bijvoorbeeld naar de loonwerker op het land bij een buurman. Omdat het gewicht aan mest wat in de strooier gaat om de mest te verspreiden over het land afhankelijk is van de berijdbaarheid van het land wordt het aantal vrachten geschat, aldus Lodders.

Een rundveehouder schat bijvoorbeeld tussen 5 en 10 vrachten nodig te hebben. Er worden 8 vrachten aangemeld bij RVO.nl. Uiteindelijk blijken er 11 vrachten nodig te zijn. De 3 vrachten die nog niet zijn aangemeld bij RVO.nl kunnen niet dezelfde dag alsnog worden aangemeld. Dat betekent dat de loonwerker en de monsternemer een volgende dag terug moeten komen. De rundveehouder heeft extra kosten. Ook de akkerbouwer kan in deze praktijksituatie niet verder met zijn werkzaamheden en maakt bijvoorbeeld extra kosten voor personeel.

Lodders vraagt Schouten of de regeling op deze manier wel zo simpel en efficiƫnt mogelijk is opgezet, met de laagste kosten voor de boer. Ze wil weten waarom RVO.nl de op een later moment aangemelde vrachten niet alsnog met spoed kan verwerken en of de doorlooptijd van het verwerken van de gegevens door RVO.nl kan worden verkort.
Bron: Tweede Kamer, 30/04/2019
Publicatie: 01-05-2019