Stikstofefficiëntie verbeteren in de Nederlandse landbouw
Het uitgangspunt van dit onderzoek was om de huidige consumptie en productie van eiwitten gelijk te houden. De externe input, zoals kunstmestgebruik en geïmporteerde voedereiwitten van buiten Nederland, werd daarentegen verminderd. Er werd ingeschat wat het effect was van onderstaande verbeteringsopties. De verbeteringsopties zijn in drie hoofdgroepen onderverdeeld:
- Opties om gebruik van stikstofkunstmest te verlagen
- Mineralenconcentraten
- Alternatief gebruik van kippenmest
- Strippen van ammoniak tijdens anaerobe vergisting
- Recyclen van menselijke uitwerpselen als meststoffen
- Precisiebemesting
- Grasklaver
- Stikstofbindende eiwitgewassen
- Opties om import van voer te verlagen
- Bioraffinage (gras, gewasresten en aquatische biomassa (bijvoorbeeld zeewier of kroos))
- Hoger productievere grassoorten
- Insecten als veevoer
- Synthetische aminozuren in voer
- Resistentie van eiwitten in rantsoenen van koeien verhogen
- Opties om stikstofemissies te verlagen
- Chemische of biologische ammoniakwassers in huisvestingssystemen van vee
- Urine en feces in stallen gescheiden opvangen
- Mestopslagen aanzuren
- Vanggewassen
- Nitrificatieremmers

Figuur 1: Stikstofstromen (kton N) in het landbouw- en voedingssysteem in Nederland in 2020.
Het bovenstaande figuur toont de huidige stikstofstromen in de agrarische sector en het voedselsysteem in Nederland. Hierin is te zien dat import van voer en kunstmest verantwoordelijk zijn voor het grootste deel van de externe stikstofaanvoer. De grootste verliezen zijn emissies van stikstof. Bij akkerbouwgewassen is de huidige stikstofefficiëntie 58%, terwijl de stikstofefficiëntie in de veehouderij maar 30% is. Het onderzoek toont aan dat met de verbeteringsopties de uitstoot kan worden verlaagd met 97.000 ton stikstof in 2030 en 209.000 ton stikstof in 2040. De stikstofefficiëntie van de agrarische sector wordt daarmee verhoogd van 40% in 2020 naar 52% in 2040.
De grootste stikstofbesparing kan bereikt worden met behulp van maatregelen die het gebruik van stikstofkunstmest verminderen. Het vervangen van stikstofkunstmest door grasklaver is de belangrijkste optie. Veelbelovende maatregelen op korte termijn (2030) zijn opties die bijdragen aan een vermindering van de stikstofuitstoot en vervanging van kunstmest, bijvoorbeeld mineralenconcentraat, grasklaver, precisiebemesting en vanggewassen. Op de lange termijn kunnen bioraffinage voor een efficiënter eiwitgebruik, nieuwe bronnen van lokaal eiwit (bijvoorbeeld insecten) en stripping van ammoniak tijdens anaerobe vergisting het meeste bijdragen aan verdere verlaging van stikstofaanvoer van buitenaf.
Figuur 2: Stikstofbesparing (kton N) van verbeteringsopties voor stikstofefficiëntie in de Nederlandse landbouw vergeleken met 2020, samengevoegd tot categorieën met de grootste reductie.
De uitkomsten van dit onderzoek tonen aan dat er nog veel ruimte voor verbetering is omtrent stikstofefficiëntie in de Nederlandse landbouw (zie figuur 2). De stikstofemissies kunnen verder verlaagd worden en er kan een bijdrage worden geleverd aan het sluiten van nutriëntenkringlopen. Veel van de verbeteringsopties zijn echter nog niet rendabel of moeten nog verder ontwikkeld worden. Dit vereist een holistische benadering met samenwerking en uitgebreide onderzoeksprogramma’s om kosten en tegenstrijdige regelgevingsvraagstukken te verminderen.
Het volledige rapport is te vinden in de bijlage of te downloaden via deze link.