Helmondse mestverwerker moet zich aan opgelegde geurvoorschriften houden
De Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant mocht mestverwerkingsbedrijf Den Ouden in Helmond bepaalde voorschriften opleggen om de geuroverlast voor omwonenden te beperken. Dat heeft de rechtbank Oost-Brabant bepaald.
Den Ouden is sinds 1996 gevestigd op een bedrijventerrein in Helmond en kreeg sindsdien diverse vergunningen van de provincie. In december 2014 kreeg het bedrijf een aangepaste vergunning voor de productie van mestkorrels met een capaciteit van 60.000 ton per jaar. Daaraan werd als voorschrift verbonden dat er slechts een bepaalde geuruitstoot uit de schoorsteen mag zijn. Desondanks bleven er tot op heden klachten binnenkomen van omwonenden die geuroverlast ondervonden.
Maatwerkvoorschriften
De omwonenden stapten eerder al naar de rechter en in oktober 2018 besliste de Raad van State uiteindelijk dat de vergunning inderdaad is overtreden: het bedrijf had volgens metingen een te hoge geuruitstoot. Vooruitlopend op die uitspraak, nam de provincie in april 2018 al een besluit om maatwerkvoorschriften aan de vergunning te koppelen. Zo moest het bedrijf onder meer iedere 4 jaar een geuronderzoek uitvoeren, werden eisen gesteld aan de schoorsteen en werd een begrenzing gesteld van de productietijd. Het bedrijf maar ook een omwonende stapten daarop naar de rechtbank Oost-Brabant.
Standpunten
Het bedrijf stelt dat het geurhinderniveau niet is overschreden. De metingen die zijn uitgevoerd, zouden niet op de juiste manier zijn gedaan. De provincie zou daarom niet bevoegd zijn om maatwerkvoorschriften te stellen. Het bedrijf wil wel de schoorsteen aanpassen, maar alleen als de productiecapaciteit mag worden vergroot. En daar wil de provincie niet aan meewerken, omdat vrees bestaat voor extra geuroverlast. Omwonenden willen weten welke geurvoorschriften er voor het bedrijf gelden en vinden dat de geurhinder moet worden beperkt tot een niveau dat er geen klachten meer zijn.
Oordeel
De rechtbank oordeelt dat de provincie op basis van uitgevoerde geurmetingen mocht aannemen dat het aanvaardbare hinderniveau is overschreden. Daarom was het geoorloofd om maatwerkvoorschriften op te stellen. Het verplicht stellen van een terugkerend geuronderzoek gaat de rechtbank te ver, maar de overige voorschriften blijven in stand. Dit betekent dat het bedrijf onder meer de schoorsteen moet aanpassen en uitsluitend van maandag tot en met vrijdag mestkorrels mag produceren. De rechtbank stelt dat het bedrijf de noodzakelijke maatregelen ook kan treffen zonder tegelijk een vergroting van de productiecapaciteit aan te vragen.
Zie voor meer informatie de uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant.
Maatwerkvoorschriften
De omwonenden stapten eerder al naar de rechter en in oktober 2018 besliste de Raad van State uiteindelijk dat de vergunning inderdaad is overtreden: het bedrijf had volgens metingen een te hoge geuruitstoot. Vooruitlopend op die uitspraak, nam de provincie in april 2018 al een besluit om maatwerkvoorschriften aan de vergunning te koppelen. Zo moest het bedrijf onder meer iedere 4 jaar een geuronderzoek uitvoeren, werden eisen gesteld aan de schoorsteen en werd een begrenzing gesteld van de productietijd. Het bedrijf maar ook een omwonende stapten daarop naar de rechtbank Oost-Brabant.
Standpunten
Het bedrijf stelt dat het geurhinderniveau niet is overschreden. De metingen die zijn uitgevoerd, zouden niet op de juiste manier zijn gedaan. De provincie zou daarom niet bevoegd zijn om maatwerkvoorschriften te stellen. Het bedrijf wil wel de schoorsteen aanpassen, maar alleen als de productiecapaciteit mag worden vergroot. En daar wil de provincie niet aan meewerken, omdat vrees bestaat voor extra geuroverlast. Omwonenden willen weten welke geurvoorschriften er voor het bedrijf gelden en vinden dat de geurhinder moet worden beperkt tot een niveau dat er geen klachten meer zijn.
Oordeel
De rechtbank oordeelt dat de provincie op basis van uitgevoerde geurmetingen mocht aannemen dat het aanvaardbare hinderniveau is overschreden. Daarom was het geoorloofd om maatwerkvoorschriften op te stellen. Het verplicht stellen van een terugkerend geuronderzoek gaat de rechtbank te ver, maar de overige voorschriften blijven in stand. Dit betekent dat het bedrijf onder meer de schoorsteen moet aanpassen en uitsluitend van maandag tot en met vrijdag mestkorrels mag produceren. De rechtbank stelt dat het bedrijf de noodzakelijke maatregelen ook kan treffen zonder tegelijk een vergroting van de productiecapaciteit aan te vragen.
Zie voor meer informatie de uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant.
Bron:
Rechtbank Oost-Brabant, 05/04/2019
Publicatie: 08-04-2019