Drie aandachtspunten voor Zeeuwse bodem- en bemestingsvraagstukken
De 3 aandachtspunten voor Zeeuwse bodem- en bemestingsvraagstukken:
1. Verbinding van het mestdossier met andere dossiers voor het landelijk gebied
Het mestdossier, als onderdeel van het zevende Actieprogramma van de Nitraatrichtlijn, kan worden gelinkt aan een groot aantal andere beleidsdossiers voor het landelijk gebied. Zo heeft het onder andere een link met het nationaal Strategisch Plan van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid, het stikstofbeleid en de Kaderrichtlijn Water. Dit vraagt om een integrale benadering van het mestdossier binnen de algehele landbouwtransitie.
2. Het gebruik van dierlijke meststoffen
De nieuwe gecombineerde fosfaatindicator, die in 2021 van kracht werd, maakt het voor de Zeeuwse sector echter lastig om voldoende organische stof toe te dienen. Eind december 2020 heeft de provincie Zeeland in samenwerking met de sector al een brief naar het Rijk verstuurd met een verzoek tot herziening van de regelgeving over de gebruiksruimte van fosfaat.
Omdat er in Zeeland een tekort is aan dierlijke mest, is het voor de Zeeuwse landbouwsector ook van belang dat mesttransport en –opslag mogelijk blijven. Omdat gewerkt wordt aan reductie van de ammoniak- en methaanemissie, ontstaat mogelijk meer aanbod van bewerkte mest en minder van traditionele drijfmest.
3. Zeeland als experimenteergebied
Het ministerie van LNV heeft in 2019 een Realisatieplan Visie LNV ‘Op weg met nieuw perspectief’ uitgebracht. Hierin wordt de visie op kringlooplandbouw beschreven. Het Rijk is daarbij gaan werken met experimenteergebieden voor ondernemers, om belemmeringen weg te nemen die innovaties in de weg staan. Binnen deze gebieden verkennen het Rijk en de regio samen met ondernemers hoe nieuwe, verdergaande stappen op weg naar betere kringlopen in de landbouw kunnen worden gezet.
Ondernemers die werken aan circulaire landbouw, lopen nog vaak tegen knelpunten aan binnen de wet- en regelgeving. Zeeland zou een rol kun krijgen als experimenteergebied voor mestaanwending ten behoeve van de plantweerbaarheid om samen met de sector verkenningen, praktijkproeven en onderzoek te doen naar mogelijkheden voor de gewenste overgang naar nog meer duurzame oplossingen voor de landbouw. Hierover wil de provincie graag in gesprek met het Rijk.