ZLTO pleit voor graslandberegening na zodebemesting in heel Brabant
In gebieden met ‘oud beregeningsbeleid’, waar altijd al een verbod op graslandberegening geldt in april en mei, is het toegestaan om binnen 48 uur na de emissiearme aanwending van organische mest te beregenen. Die regeling stamt nog uit het oude provinciale beregeningsbeleid van ruim 20 jaar geleden.
Het had tot doel om te voorkomen dat na een mestgift nutriënten niet worden opgenomen. Door een kleine beregeningsgift is de opname van nutriënten door de plant beter en zal er minderd uit- en afspoeling van nutriënten zijn. Dat is nu niet anders, stelt ZLTO.
In de gebieden waar vanaf 2014 het ‘nieuwe beregeningsbeleid’ geldt en waar per 1 april een verbod is afgekondigd voor april en mei 2022, geldt de 48-uurs regeling niet. Dat is niet uit te leggen, aldus ZLTO. Het belang van het tegengaan van uitspoeling is net zo groot als in gebieden waar het ‘oude beleid’ geldt.
ZLTO ziet daarnaast een tegenstrijdigheid in de beregeningsmogelijkheden in gebieden dicht bij kwetsbare natuurgebieden, waar wel enige soepelheid wordt geboden voor beregening, en de gebieden op grotere afstand van natuurgebieden, waar die ruimte niet wordt geboden.
Verder wordt opgemerkt dat waterschap De Dommel in gebieden met ‘nieuw beleid’ wel de zelfde mogelijkheden voor beregening biedt als in gebieden met het ‘oude beleid’. Dat is vreemd, omdat de drie Brabantse waterschappen juist met elkaar hebben afgesproken om zoveel mogelijk één beleid te voeren.
ZLTO heeft brieven gezonden aan de besturen van de waterschappen Aa en Maas en Brabantse Delta. Daarin wordt gevraagd om op korte termijn overal beregening toe te staan binnen 48 uur na de emissiearme aanwending van organische mest. Ook in gebieden met ‘nieuw beregeningsbeleid’ waar per 1 april graslandberegening is verboden.