Verhogen stikstofefficiëntie als antwoord op hoge kunstmestprijzen
Er is in Vlaanderen nog een potentieel van 300.000 hectare voor het toepassen van derogatie waar boeren op dit moment geen gebruik van maken. Voor 2022 kan dat niet meer aangezien derogatie voor 15 februari moest worden aangevraagd.
Een goed gebruik van dierlijke mest kan ook helpen om meer stikstof uit de mest te benutten. Het spreiden kort voor de zaai of plant van de gewassen helpt daarbij. Een correcte emissiearme mesttoediening is van belang met machines die het best de ammoniak in de mest en bodem houden zoals de zodeninjector en bouwlandinjector. Het homogeniseren van de mest en het analyseren van de samenstelling van de mest zorgt ervoor dat over het gehele perceel de beste benutting van de stikstof kan gerealiseerd worden. Elke kilogram stikstof die op die manier extra benut wordt is een evenredige besparing op kunstmest.
Door de jarenlange ervaring met mestverwerking in Vlaanderen worden steeds betere eindproducten met een hoge stikstofbenutting verkregen. Dat gaat om ammoniumsulfaat en ammoniumnitraat die ontstaan uit stripping- en scrubbingtechnieken, waarbij de ammoniak uit de mest via zuren vastgelegd wordt in ammoniumzouten, over mineralenconcentraten en dunne fractie van digestaat. Die producten hebben een werking die vergelijkbaar is met kunstmest en benutten dus beter de stikstof. Deze producten worden RENURE-producten genoemd.
Een belangrijk gegeven is dat het gebruik van dergelijke RENURE-producten volgens de Nitraatrichtlijn onder de bemestingsnorm van dierlijke mest valt. De Europese Commissie heeft kenbaar gemaakt dat landen een aanvraag kunnen indienen om RENURE-producten te laten erkennen als kunstmestvervanger. Vlaanderen bekijkt onder welke voorwaarden een derogatie aangevraagd kan worden bij de Europese Commissie. Het is de Europese Commissie die uiteindelijk beslist. De VLM bereidt samen met het Vlaams Coördinatiecentrum voor Mestverwerking een RENURE-derogatieaanvraag voor.