Melkveehouder verwerkt dikke mestfractie tot een stapelbaar product

Melkveehouder Frank van Boxtel uit Uden ontwikkelde een systeem om de dikke fractie van mest zonder emissie te verwerken tot een stapelbaar product met veel organische stof. In zijn stal ligt de HCI-welzijnsvloer W5, waarmee de vaste mest van de urine wordt gescheiden. Samen met het bedrijf A&S Techniek in het Friese Burgum ontwikkelde hij een systeem om vaste mest nog vaster en stapelbaar te maken en om urine geschikt te maken als kunstmestvervanger. Hij kreeg daarvoor subsidie van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. 

In het concept van A&S Techniek wordt de vaste fractie van de mest verwerkt tot een soort bokashi. De vaste fractie wordt van de stalvloer geschoven en gaat naar een kanaal achter in de stal en van daaruit naar een mengbak buiten de stal. Daar worden er stro, een fermentatievloeistof, kleimineralen en zeeschelpenkalk aan toegevoegd. Het geheel wordt gemengd met behulp van een vijzel.


Het vaste mengsel wordt vanuit de mengbak naar een sleufsilo gepompt, die vrijwel luchtdicht is afgesloten met een dik afdekzeil. Het mengsel komt zo niet in contact met de buitenlucht. Daar vindt een fermentatieproces plaats dat 8 weken in beslag neemt. Het eindproduct rijdt de melkveehouder met een mestverspreider uit over zijn land.


De Brabantse melkveehouder gebruikt de gefermenteerde mest voor de eerste grassnede. De dunne mest gebruikt hij voor de tweede en de derde snede en daarna rijdt hij weer de gefermenteerde mest uit. Een volgende geplande stap betreft het plaatsen van een biofilter op de mestput met de urine om het vrijkomende ammoniak en het methaan te binden. Belangrijk voor de veehouder is dat urine wordt ook officieel erkend als kunstmestvervanger.

Bron: Nieuwe Oogst, 17/03/2022
Publicatie: 18-03-2022