Reacties op coalitieakkoord: torenhoge ambities, ingrijpende gevolgen, maar zijn ze uitvoerbaar?
Zowel op het gebied van klimaat als van stikstof zijn de ambities naar voren gehaald en aangescherpt.
Ten aanzien van klimaat is het doel uit de vorige coalitie van 49% reductie van CO2-uitstoot aangescherpt tot minimaal -55% en een streven naar -60% CO2-uitstoot in 2030. In 2035 en 2040 is het doel respectievelijk -70% en -80%. Bovenop de SDE komt er een ‘transitiefonds klimaat’ van €35 miljard.
Het kabinet gaat nieuwe verdienmodellen stimuleren, bijvoorbeeld voor ‘bio-based’ bouwmaterialen, ‘carbon credits’ en stikstofbinding.
Stikstof
Het PBL stelt dat de stikstofplannen groot zijn: in 2030 moet bij 74% van de stikstofgevoelige natuurgebieden de depositie onder de kritische waarde komen. In de buurt van deze gebieden moet de stikstofuitstoot dalen tot nagenoeg 0. In deze gebieden mag dan ook maar beperkt vee worden gehouden en worden bemest. Hiervoor komt er een nieuwe categorie grond: ‘landschapsgrond’. Met langjarige overeenkomsten en een passende vergoeding vergroten we de mogelijkheden van (agrarisch-)natuur en landschapsbeheer.
Dit is volgens hen niet mogelijk zonder een grote krimp van de veestapel van tientallen procenten en een grootschalige inzet van technologische oplossingen. Het PBL maakt hierbij de kanttekening dat veel van de maatregelen gebaseerd zijn op vrijblijvendheid, en dat het verleden leerde dat boeren niet altijd voldoende gebruik maakten van geboden mogelijkheden om hun bedrijf te stoppen. Het coalitieakkoord zelf spreekt van ‘vrijwilligheid is geen vrijblijvendheid’.
Het aankomende kabinet heeft fors budget gereserveerd voor deze stikstofopgave: 20 miljard tot 2030, 5 miljard tussen 2030-2035:
- Opkoop bedrijven: 6,1 miljard
- Afwaardering grond melkveehouderij: 5,7 miljard
- Natuurinclusieve landbouw 2,1 miljard
- Kosten uitvoer 1,7 miljard
- Uitbreiding natuurareaal 1,3 miljard
- Beleid ondernemerschap / innovatie 1,2 miljard
- Innovatie stalsystemen / management 1,0 miljard
- Extra middelen Kaderrichtlijn Water 0,6 miljard
Bij elkaar dus ruim 15 miljard euro voor extensivering / sanering van de landbouw en 2,2 miljard euro voor innovatieve maatregelen. Het moge duidelijk zijn dat dit voor grote veranderingen gaat zorgen in de Nederlandse landbouw. Zowel de middelen voor sanering als voor innovatie zullen majeure effecten hebben.
Ten aanzien van het afgeven van vergunningen, om de met reductie ontstane ‘stikstofruimte’ te benutten zal het kabinet nieuw instrumentarium ontwikkelen voor de kaders en eisen aan vergunningverlening.
In november heeft NCM een analyse uitgevoerd over de effecten van de stikstofmaatregelen op de Nederlandse mestmarkt, aan de hand van drie scenario’s. De maatregelen in dit akkoord komen het meeste overeen met het hierin onderzochte scenario A.
Overige maatregelen
In het coalitieakkoord wordt het streven ‘kringlooplandbouw’ opnieuw bevestigd waarbij men specifiek benoemt: inzet van reststromen in veevoer, vervanging van kunstmest door organische mest en een grondgebonden melkveehouderij. Hierover wil men afspraken maken met toeleveranciers en de verwerkende industrie.
De NVWA krijgt extra middelen voor een betere handhaving.
Deze grote ambities komen ook tot uitdrukking in het benoemen van een ‘ecologische autoriteit’, en met twee nieuwe ministers: naast de huidige ministers voor voor LNV (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit) en I&W (Infrastructuur en Waterstaat) komt er een minister voor Stikstof en Natuur, en een minister voor Klimaat en Energie.
LTO Nederland heeft naar aanleiding van het coalitieakkoord een webinar georganiseerd om het toe te lichten en een reactie te geven. Dit is via YouTube te bezichtigen. De gebruikte sheets vindt u hier.
De publicatie van PBL vindt u via deze link.