'NIRS biedt geen alternatief voor mestmonsteranalyse'

De kans dat bemonstering met NIRS-technologie een alternatief wordt voor het huidige systeem voor het bemonsteren en analyseren van mest lijkt klein. Het bedrijf Vlastuin Mest Applicaties uit Kesteren ziet geen kans om het systeem daarvoor voldoende betrouwbaar te maken en zal binnenkort stoppen met de tests die daarop gericht zijn. Dat meldt directeur Gerrit van Vlastuin van het Gelderse bedrijf. 

"Bij tests halen we in 80% van de gevallen een uitslag waarbij de aangegeven gehaltes ook overeenkomen met de gehaltes die in het laboratorium worden gevonden. Alleen in 20% van de monsters is de afwijking veel te groot en wat we ook proberen, we krijgen dat niet op orde. Inmiddels zien we geen mogelijkheden meer om dat te verbeteren en dan kun je niet anders dan besluiten om te stoppen", aldus Van Vlastuin.


De NIRS-technologie, waarbij via infrarode straling continue de gehaltes in de mest worden gecontroleerd, is jarenlang gezien als mogelijk alternatief voor het huidige systeem van bemonstering en analyses in een laboratorium. Nadeel van dit systeem is namelijk dat pas na een aantal dagen bekend is welke gehalten aan stikstof, fosfaat en kalium de mest bevat. Dat is vooral lastig als de mest direct wordt toegediend. 


Een andere toepassing die voor NIRS wordt gezien is het nauwkeuriger plaatsspecifiek bemesten. Van Vlastuin verwacht dat het systeem hiervoor wel in gebruik zal blijven.  Met onder andere de fabrikant van bemesters Vervaet kijkt het bedrijf uit Kesteren hoe het systeem daar in machines geïntegreerd kan worden. Met name vanuit het buitenland is er belangstelling voor deze toepassing. 

Bron: Grondig Cumela Nederland, 12/11/2021
Publicatie: 12-11-2021