Probleem met toevoer van nitraatrijk grondwater in deel van Vlaanderen

Naar schatting 5% van de 756 MAP-meetpunten voor oppervlaktewater in Vlaanderen wordt sterk beïnvloed door de toevoer van nitraatrijk grondwater dat afkomstig is van jarenlange uitspoeling van nitraat vanuit landbouwpercelen. Dat is de conclusie uit een studie uitgevoerd door Universiteit Gent en Inagro, in opdracht van de Vlaamse Landmaatschappij.

In de betrokken afstroomgebieden zijn op korte termijn verdergaande maatregelen nodig om op middellange en lange termijn de waterkwaliteit te verbeteren. Het duurt lang voordat de impact van de maatregelen in dergelijke MAP-meetpunten zichtbaar wordt. Dat komt omdat het nitraatrijke grondwater een lange reistijd heeft om het oppervlaktewater te bereiken.


De aanvoer van nitraat in het oppervlaktewater komt door oppervlakkige afspoeling, erosie, drainage en ook door het grondwater. Het aandeel van die verschillende instromen  verschilt per MAP-meetpunt. In de studie​ concentreerden de onderzoekers zich vooral op de invloed van het grondwater op de kwaliteit van het oppervlaktewater in 10 gebieden. De gesimuleerde nitraatconcentratie ligt in alle onderzochte gebieden nog hoger dan 50 milligram nitraat per liter.


Om de hoeveelheid nitraat in het grondwater te doen dalen, is extra actie nodig. Bijvoorbeeld in de bemesting, door verschuivingen in het landgebruik of het teeltareaal, of door het inzaaien van vanggewassen. In de stroomgebieden met een grote bijdrage uit drainwater of uit nitraatrijk grondwater zijn verdergaande maatregelen noodzakelijk.

Bron: VLM, 06/10/2021
Publicatie: 06-10-2021