NVWA: 'Disbalans in taken en middelen voor toezicht op mestwetgeving'

Het toezicht binnen het domein meststoffen van de NVWA richt zich op gebruikers, aanbieders van mest, intermediairs en afnemers van mest. Als gevolg van een disbalans tussen taken en middelen is er sprake van ontoereikende toezichtcapaciteit bij het toezicht op de gebruiksnormen en het Besluit gebruik meststoffen. Dat schrijft de NVWA in de verantwoordingsrapportage over 2020.

Binnen de totale doelgroep was voor 2020 sprake van een toezichtintensiteit van 4%. Dat betekent dat 4% van de doelgroep door de NVWA werd bezocht. Het handhavingspercentage voor het gehele domein meststoffen is 17% voor 2020.


Bij intermediairs was de toezichtintensiteit 34% en het handhavingspercentage 21%. Bij rundveebedrijven lagen deze percentages respectievelijk op 2% en 22%. Van de varkensbedrijven werd 4% bezocht en daar lag het handhavingspercentage op 22%.


De naleving van de meststoffenwet-en regelgeving in de prioritaire gebieden is mede door samenwerking met andere handhavers en een gerichte aanpak van notoire overtreders, verhoogd. De afgesproken aantallen van de gezamenlijke inspecties in de focusgebieden De Peel, De Veluwe en Twente zijn ook gehaald.


De aanpak om intermediairs, die notoir de regels overtreden, via een negatief BIBOB advies de erkenning als intermediair te ontnemen lijkt tot resultaat te komen. Inmiddels heeft RVO.nl twee intermediairs een voornemen tot schrappen van de erkenning gestuurd.


De voor 2020 geplande 20 inspecties bij covergistersten aanzien van sluitende administratie van de gebruikte materialen zijn niet allenmaal afgerond en worden in januari 2021 voortgezet.


De fysieke vervoerscontroles voor intermediairs zijn sinds eind juni 2020 weer volledig opgeschaald en hebben tot eind 2020 plaatsgevonden. De laatste maanden van 2020 besteedde de NVWA meer aandacht aan de import en export van meststoffen.

Bron: NVWA, mei 2021
Publicatie: 01-06-2021