Studie naar extra vergunningruimte door mestvergisten en mest strippen
Een kuub verse mest levert bij vergisting circa 30 kuub biogas op en een kuub oude, waterige mest niet meer dan 20 kuub. Elke kuub biogas levert 6 kilowatt energie, waarvan 4 kilowatt warmte en 2 kilowatt stroom. Dat betekent dat 20 kuub biogas 80 kilowatt warmte levert en 30 kuub biogas 120 kilowatt. Een deel van die warmte, 60 kilowatt, is weer nodig om een nieuwe kuub mest op te warmen.
Bij oude mest blijft maar 20 kilowatt warmte over die elders nuttig benut kan worden. Bij ij verse mest is dat per kuub drie keer zo veel. De mest moet voor vergisting worden opgewarmd tot circa 40 graden. Zeker in de winter blijft er bij gebruik van oude mest nauwelijks restwarmte over. Bij gebruik van verse mest kan warmte bijvoorbeeld worden benut voor het drogen van mest, of om door te leveren aan derden.
De restwarmte van de vergister kan ook worden ingezet in een stripper achter de vergister. Die haalt de ammoniakale stikstof uit de mest, waardoor veehouders meer kuubs vergiste mest kunnen afzetten op eigen land bij een lagere ammoniakemissie. De ammoniakaal gebonden stikstof mag in Nederland alleen nog in de pilot ‘Kunstmestvrije Achterhoek’ worden gebruikt als kunstmestvervanger. Bedrijven die zelf warmte hebben vanuit de vergister, kunnen die goedkoop inzetten in de stripper.
Op dit moment onderzoekt DLV Advies of de lagere ammoniakuitstoot mogelijkheden biedt om op de vergunning van een melkveebedrijf uit te breiden in het aantal dieren. Ook het eventueel verkopen van de 'gewonnen' ammoniak in de vorm van rechten wordt onder de loep genomen.