Varkenshouder werkt aan integrale oplossing voor emissies en mest
Varkenshouder Math Egelmeers uit Wanroij werkt aan een varkensstal die voldoet aan de toekomstige, aangescherpte Brabantse emissienormen. Centraal staat een integrale aanpak, waarbij de uitstoot van ammoniak en methaan wordt aangepakt vanaf de voorkant van het proces. De drijfmest wordt bovendien bewerkt tot stikstofrijke kunstmestvervanger en grondstof voor biogas en droge mestkorrels. Onderdelen van het beoogde concept heeft Egelmeers al met succes in de praktijk getest.
Egelmeers heeft 2 stallen voor bijna 5.000 vleesvarkens, die gehouden worden volgens het Beter Leven-concept. De nieuwste stal heeft een luchtwasser. De oudste stal niet. Onder de hokken liggen smalle mestkanalen en een rioolsysteem waarmee de mest frequent kan worden afgevoerd naar een gesloten opslag. Daarmee is de ammoniakuitstoot al ruim 60% lager dan in een conventionele stal, maar nog niet voldoende voor de Brabantse eisen van 2024.
Samen met Exlan Advies, de adviestak van Agrifirm, heeft de varkenshouder in 2 afdelingen zijn beoogde systeem getest. De eerste indicatieve metingen hebben een ammoniakreductie van bijna 60% opgeleverd, waarmee de emissienorm van maximaal 0,45 kilo ammoniak per plaats per jaar haalbaar lijkt.
Basis van het concept is dat in de mestkanalen standaard een laag spoelvloeistof staat die ammoniak- en geurarm is en zuurstofrijk. Dit vloeistof verdunt de concentratie van ammoniakstikstof in de mest en zorgt daarmee voor een extra emissiebeperking. Door de verdunning en snelle mestafvoer zal ook de geuremissie afnemen.
De spoelvloeistof is de dunne fractie die overblijft na het scheiden van de mest, en die vervolgens met een meststripper is ontdaan van ammoniak. Behalve deze dunne fractie, blijft na het scheiden ook een dikkere fractie over, die rijk is aan organische stof, kali en fosfaat. Dat is bij Egelmeers het eindproduct. De dikke fractie zou ook nog vergist kunnen worden. Daarna kan de dikke fractie van het digestaat worden gedroogd en tot mestkorrels worden verwerkt.
Samen met Exlan Advies, de adviestak van Agrifirm, heeft de varkenshouder in 2 afdelingen zijn beoogde systeem getest. De eerste indicatieve metingen hebben een ammoniakreductie van bijna 60% opgeleverd, waarmee de emissienorm van maximaal 0,45 kilo ammoniak per plaats per jaar haalbaar lijkt.
Basis van het concept is dat in de mestkanalen standaard een laag spoelvloeistof staat die ammoniak- en geurarm is en zuurstofrijk. Dit vloeistof verdunt de concentratie van ammoniakstikstof in de mest en zorgt daarmee voor een extra emissiebeperking. Door de verdunning en snelle mestafvoer zal ook de geuremissie afnemen.
De spoelvloeistof is de dunne fractie die overblijft na het scheiden van de mest, en die vervolgens met een meststripper is ontdaan van ammoniak. Behalve deze dunne fractie, blijft na het scheiden ook een dikkere fractie over, die rijk is aan organische stof, kali en fosfaat. Dat is bij Egelmeers het eindproduct. De dikke fractie zou ook nog vergist kunnen worden. Daarna kan de dikke fractie van het digestaat worden gedroogd en tot mestkorrels worden verwerkt.
Bron:
Agrifirm, 19/12/2020
Publicatie: 06-01-2021