Telers vragen bij loonwerker om ruitzaai of rijenbemesting
Telers die hun loonwerkers drijfmestrijenbemesting of ruitzaai in maïs laten toepassen vragen daar in het vervolg weer om. Dat vertellen de loonwerkers. Ze noemen de betere mestbenutting bij toepassing in de rij en de gelijkmatige stand bij ruitzaai als pluspunten bij deze twee methodes.
Het onderzoek van Wageningen University & Research binnen de publiek private samenwerking 'Ruwvoer, Bodem en Kringlooplandbouw' is gericht op de maximale benutting van dierlijke mest. In het onderzoek over de periode van 2016 tot 2019 gaf de ruitzaaimethode de hoogste opbrengst, gevolgd door de traditionele zaai op 75 centimeter en dan pas de toepassing van de mest in de rij. Toch zijn loonwerkers en telers tevreden over zowel de ruitzaai als de drijfmestrijenbemesting.
Loonwerker Harry Koonstra uit het Overijsselse Vinkenbuurt stelt dat het vooral van belang is bij de drijfmestrijenbemesting te wachten tot de bodem geschikt is om te berijden. Koonstra zet een paar woelpoten achter de rijenmestinjecteur om verdichting tot een minimum te beperken. Hij verwacht dat de klanten die de methode nu kiezen, dat zullen blijven doen. Koonstra zaait de maïs met gps-rtk techniek exact op de ingebrachte mest.
Loonwerker Ton Nooijen uit het Brabantse Uden werkt met een strip-till bemester. Hij zaait de maïs in de losgetrokken en bemeste stroken. De loonwerker gebruikt de methode op zand- en leemgronden. Volgens hem is het voordeel van de methode groter op droge zandgrond. Zijn klanten blijven vragen naar deze methode.
Ook bij loonwerkers die met ruitzaai werken, vragen klanten weer naar de methode in volgende jaren. Hier zit het voordeel voor de planten in de gelijkmatige verdeling over het perceel. De maïs wordt met een kleinere afstand tussen de rijen gezaaid en staat in de rijen nauwelijks dichter op elkaar dan tussen de rijen. Die gelijkmatige verdeling laat de planten over het hele veld wortelen en zo nemen de planten water en meststoffen gelijkmatig op. Loonwerker Marcel Hendriks zaait jaarlijks tussen de 400 en 500 hectare bij klanten.
De prijs van de ruitzaaimethode is wat hoger, maar daar staat volgens Hendriks een meeropbrengst in korrelmaïs tegenover van circa 5%. Dankzij gps-rtk kan de Kverneland zestienrijige zaaimachine van Hendriks over het hele veld de rijafstand van 37,5 centimeter en de ruitvormige zaai aanhouden. Loonwerker Herbert Hofmeijer uit het Gelderse Voorst behoorde bij bedrijven die als eersten de ruitzaai aanboden. Volgens Hofmeijer kost het zaaien iets extra, maar hij denkt dat de meeropbrengst in de orde van 800 tot 1.600 kilo droge stof per hectare ligt.
Loonwerker Harry Koonstra uit het Overijsselse Vinkenbuurt stelt dat het vooral van belang is bij de drijfmestrijenbemesting te wachten tot de bodem geschikt is om te berijden. Koonstra zet een paar woelpoten achter de rijenmestinjecteur om verdichting tot een minimum te beperken. Hij verwacht dat de klanten die de methode nu kiezen, dat zullen blijven doen. Koonstra zaait de maïs met gps-rtk techniek exact op de ingebrachte mest.
Loonwerker Ton Nooijen uit het Brabantse Uden werkt met een strip-till bemester. Hij zaait de maïs in de losgetrokken en bemeste stroken. De loonwerker gebruikt de methode op zand- en leemgronden. Volgens hem is het voordeel van de methode groter op droge zandgrond. Zijn klanten blijven vragen naar deze methode.
Ook bij loonwerkers die met ruitzaai werken, vragen klanten weer naar de methode in volgende jaren. Hier zit het voordeel voor de planten in de gelijkmatige verdeling over het perceel. De maïs wordt met een kleinere afstand tussen de rijen gezaaid en staat in de rijen nauwelijks dichter op elkaar dan tussen de rijen. Die gelijkmatige verdeling laat de planten over het hele veld wortelen en zo nemen de planten water en meststoffen gelijkmatig op. Loonwerker Marcel Hendriks zaait jaarlijks tussen de 400 en 500 hectare bij klanten.
De prijs van de ruitzaaimethode is wat hoger, maar daar staat volgens Hendriks een meeropbrengst in korrelmaïs tegenover van circa 5%. Dankzij gps-rtk kan de Kverneland zestienrijige zaaimachine van Hendriks over het hele veld de rijafstand van 37,5 centimeter en de ruitvormige zaai aanhouden. Loonwerker Herbert Hofmeijer uit het Gelderse Voorst behoorde bij bedrijven die als eersten de ruitzaai aanboden. Volgens Hofmeijer kost het zaaien iets extra, maar hij denkt dat de meeropbrengst in de orde van 800 tot 1.600 kilo droge stof per hectare ligt.
Bron:
Wageningen University & Research, 07/10/2020
Publicatie: 07-10-2020