Met drugs verontreinigde mest leidt tot hoge dwangsommen

Een voormalige melkveehouder uit Haaften vecht bij de Raad van State de dwangsommen aan die de gemeente West-Betuwe aan hem heeft opgelegd omdat hij weigert 1400 kuub met drugs verontreinigde mest in de kelders van zijn stal op een verantwoorde manier af te voeren. Hij stelt dat hij de middelen niet heeft om de opruimkosten te betalen. Deze bedragen volgens hem 800.000 tot 900.000 euro. Ook de dwangsom die op kan lopen tot 450.000 euro zegt hij niet te kunnen voldoen. Omdat er nog een strafrechterlijk onderzoek loopt, heeft het Openbaar Ministerie beslag laten leggen op het vermogen van de ex-veehouder.
Na de beƫindiging van zijn melkveehouderijbedrijf in 2018 verhuurde de man uit Haaften zijn opstallen. De mestkelder had hij aan een mestvergistingsbedrijf verhuurd. In juni vorig jaar werd er door de politie een drugslab opgerold. De Haaftenaar stelt dat hij aanvankelijk niets wist van het drugslab, omdat hij om emotionele redenen niet meer in zijn leegstaande stallen en schuren wilde komen. Later zou hij door de drugscriminelen zijn bedreigd.

De gemeente houdt de man wel aansprakelijk voor de verontreinigingen, omdat het op zijn erf is gebeurd. De gemeentewoordvoerder zei het sterk te vinden dat de veehouder niets van de illegale activiteiten gemerkt zou hebben. De toegangsweg naar de schuur loopt vlak langs diens woning. De gemeente wil met het opleggen van een dwangsom onder meer een uitgebreid onderzoek naar omvang en locatie van de verontreinigingen afdwingen. Met een tweede dwangsom wil de gemeente de gewezen veehouder er toe bewegen dat hij de verontreinigde mest naar een verwerkingsbedrijf afvoert.

De Haaftenaar vraagt via de Raad van State om een opschorting van de opgelegde dwangsommen. Volgens hem is recent vastgesteld dat er geen verontreinigingen meer in de mest zitten. Het gaat naar zijn mening om heel vluchtige stoffen. De raadsman van West Betuwe zei dat de gemeente wel een verzoek kan doen om het beslag op het vermogen van de oud-veehouder op te heffen zodat het geld gebruik kan worden voor het opruimen van de mest. Hij benadrukte daarbij ook dat de gemeente niet alle dwangsommen gaat invorderen als dat geld ook aangewend kan worden voor de opruim- en saneringswerkzaamheden. De Raad van State doet binnen enkele weken uitspraak.
Bron: Agraaf, 23/06/2020
Publicatie: 24-06-2020